Nederlandse gemeenten hielden vorig jaar ruim drie miljard euro over op hun begroting.

Den Haag, dinsdag, 27 oktober 2026. Gemeenten rekenden op rode cijfers, maar hielden vorig jaar juist 3,2 miljard euro over. Ernstige personeelstekorten blokkeerden de plannen: het geld was er simpelweg wel, maar de handjes ontbraken.
miljarden op de plank door personeelsgebrek
Minister van Binnenlandse Zaken Pieter Heerma (CDA) [GPT] stuurde vandaag, dinsdag 27 oktober 2026, het financiële overzicht naar de Tweede Kamer [1][2][4]. De uitkomst verbaast vriend en vijand. Nederlandse gemeenten begrootten vooraf een tekort van 724 miljoen euro voor 2025 [1][2]. Ze eindigden het jaar echter met een overschot van 3,2 miljard euro [1][2]. Het verschil bedraagt bijna 4 miljard euro: 3924 miljoen euro [1]. Voor het zesde jaar op rij schrijven de lokale besturen zwarte cijfers [1]. Maar juich niet te vroeg. In een enquête gaf 84 procent van de gemeenten toe dat zij geplande projecten lieten liggen [1]. Ambtenaren ontbraken om wegen te asfalteren, vergunningen te verlenen of scholen te renoveren [GPT]. Het werk stapelde zich op, terwijl de buidel vol bleef [1].
meevallers en vertraagde hulp
Waarom bleef er dan zoveel geld over? In september 2025 stortte het Rijk nog eens 728 miljoen euro op de gemeentelijke rekeningen [1][2]. Dat was een verlate compensatie voor jeugdzorgtekorten uit 2023 en 2024 [1][2]. Tegenover die plotselinge najaarsinjectie stonden in 2025 geen directe uitgaven meer [1]. Zo boekte maar liefst 85 procent van de gemeenten een positief resultaat [2]. De gemeentelijke schuld bleef stabiel op 41 procent van de baten en de solvabiliteit steeg naar 40 procent [2]. Ook de provincies deden vrolijk mee: zij hielden samen 561 miljoen euro over, waarbij slechts 2 van de 12 provincies verlies leden [1][2]. Voor burgers betekent dit dat beloofde verbeteringen in de wijk simpelweg vertraging oplopen [GPT].
zoektocht naar bestuurlijke balans
Volgens minister Heerma groeit het takenpakket van gemeenten hard, maar hobbelt de uitvoeringskracht er achteraan [1]. Om die scheefgroei aan te pakken introduceert het kabinet nu een ‘balansscan’ [2]. Daarmee toetst Den Haag of lokale overheden nieuwe wetten überhaupt wel kunnen uitvoeren [2]. Ondertussen buigt de commissie-Van Ark II zich over de heikele jeugdzorg [1][2]. Dit adviescollege presenteert in januari 2027 zijn rapport over de Hervormingsagenda Jeugd [1][2]. De politieke knopen over een wettelijke financieringsplicht vallen pas in het voorjaar van 2027 [2]. Tot die tijd moeten inwoners geduld hebben met hun lokale plannen [GPT].