Den Haag zet het mes in het eigen apparaat.

Den Haag, dinsdag, 27 oktober 2026. Staatssecretaris Eric van der Burg schrapt 25.000 ambtenarenbanen. Dit levert 3,5 miljard euro op. Eén op de vijf Haagse bureaustoelen verdwijnt.
Krimpen tot de kern
Staatssecretaris Eric van der Burg van de VVD presenteerde gisteren, op maandag 26 oktober 2026, zijn saneringsplannen aan de Tweede Kamer [1][2]. Het minderheidskabinet-Jetten start in 2027 met een korting van 900 miljoen euro op de organisatiekosten [1][2]. Dat bedrag loopt uiteindelijk op tot een structurele bezuiniging van 3,5 miljard euro per jaar vanaf 2035 [1]. De ingreep treft naar schatting 25.000 voltijdsbanen bij ministeries en instanties zoals de Belastingdienst en het UWV [1][2]. Alleen politie en defensie ontspringen de dans [1]. Het ambtelijk apparaat dijde sinds 2017 uit van 110.000 naar 160.000 fte [2]. Een toename van maar liefst 45.455 procent [2]. Ook het meubilair moet eraan geloven: de overheid hanteert straks de norm van één werkplek per twee ambtenaren en stoot gebouwen af [1].
Minder vergaderen en minder papier
De burger merkt deze ingreep direct in de praktijk [1]. Het kabinet schrapt of versimpelt jaarlijks minstens 500 regels met een terugkerende Vereenvoudigingswet [1]. Daarbij kijkt Van der Burg met een schuin oog naar Duitsland voor het principe van omgekeerde bewijslast [1]. Overbodige praatclubs gaan eveneens in de ban [1]. Nog dit jaar, in 2026, bepaalt het kabinet welke van de huidige 28 vaste adviescolleges en circa 150 adviescommissies verdwijnen [1]. Ook de stapel van ongeveer 400 jaarlijkse beleidsevaluaties wordt flink uitgedund [1]. Daarnaast wil het kabinet de Wet open overheid hervormen [2]. Volgens Van der Burg stellen verzoekers nu te brede vragen [2]. Ambtenaren besteden daardoor simpelweg te veel kostbare uren aan zoekwerk [2].
De computer doet het werk
Hoe vult Den Haag de lege stoelen op? Computers moeten uitkomst bieden [1]. In het eerste kwartaal van 2027 presenteert het kabinet concrete besparingsplannen rondom kunstmatige intelligentie [1]. Binnen twee jaar volgt bovendien een wettelijke regeling om gegevensuitwisseling tussen instanties zoals de Belastingdienst, de Kamer van Koophandel en gemeenten mogelijk te maken [1]. Dat levert een digitaal één-loketsysteem op zoals MijnBetaaloverzicht [1]. De burger hoeft dan niet langer drie keer dezelfde gegevens in te vullen [1]. Binnen een half jaar volgt een meerjarige aanpak voor de toekomst van de rijksdienst [1]. De definitieve financiële invulling verschijnt in de voorjaarsnota van 2027 [1].